Mantelzorg – ziekenbezoek
Mensen leven langer dan vroeger, maar worden soms erg hulpbehoevend. Dit mag ik ervaren bij mijn hoogbejaarde ouders en schoonvader (allen 90-plussers). Op een bepaald moment lukt het niet meer om thuis te wonen en komen ze terecht in een woonzorgcentrum. Er is nood aan veel zorg en niet te vergeten: nabijheid. Ze genieten van de meegebrachte aardbeien en kersen of van een lekkere praline. De kleerkast op orde brengen en de verse was netjes opbergen geeft hen weer rust. Het haar eens extra kammen, een juweeltje aandoen en een vleugje parfum geven mama wat waardigheid terug.
‘Zet je een beetje dichter’ klinkt het dan. Ik luister vooral. Ze vragen hoe het gaat: met ons, met onze kinderen en de kleinkinderen.En na elk bezoekje hoor ik: ‘Dankjewel voor alles!’ en ook ‘Wanneer zie ik jou terug?’
Zou dit mantelzorg kunnen zijn: daden van kleine goedheid, omringd met veel liefde?Emmanel Levinas zou spreken over ‘la petite bonté’.
Het lijkt wat vanzelfsprekend: de liefde die ik van mijn ouders mocht ontvangen, kan ik hen nu teruggeven. Toch is er meer. Het heeft te maken met mijn christen zijn. Het evangelie raakt mij. Het breken en delen van Jezus inspireert mij. Als echtgenote van de diaken voel ook ik mij geroepen.Dankbaar ben ik wekelijks te kunnen genieten van een verzorgde liturgie binnen de pastorale eenheid. De vieringen ervaar ik niet als een afsluiter van de week, maar als een beginpunt. Als de diaken op het einde van de viering de woorden ‘Ga dan allen heen in vrede’ uitspreekt, blijft die zending in mij nazinderen. De woorden ‘Ga dan !’ sturen mij. ‘Ga dan!’, zegt de levende Christus tot mij, ‘Ga niet enkel naar je eigen ouders, maar trek de wereld in, en doe iets!’
En zo groeide het verlangen om wie ziek of eenzaam is nabij te zijn. In december 2025 startte ik een samenwerking met het ziekenhuis. De pastorale dienst contacteert mij wanneer ze iemand detecteren die zich alleen voelt en nood heeft aan een regelmatig huisbezoekje. Om wat aan elkaar te wennen, bezoek ik die man of vrouw nog voor het ontslag uit het ziekenhuis. Enkele dagen na ontslag uit het ziekenhuis neem ik telefonisch contact op en maak een afspraak om thuis langs te gaan. Ongeveer maandelijks keer ik er terug, waar de nood heel groot is om de 2 weken.
Af en toe geef ik feedback aan de ziekenhuispastores.
Op die manier wordt er een brug geslagen tussen het vrijwilligerswerk in het ziekenhuis en de diaconie van de pastorale eenheid. Zo kan ik mensen nabij zijn die er nood aan hebben, ongeacht hun afkomst of levensovertuiging.
Bij mijn eerste huisbezoek had de mevrouw taart voorzien. Ik zei dat dit echt niet nodig was. ‘De eerste keer dat je langskomt mag het wel feest zijn’, zei ze. Het raakte mij. Nog steeds is er elke keer koffie – of we zetten samen koffie – er zijn koekjes. Er wordt vooral veel verteld, hoofdzakelijk over haar familie. Ze zegt: ‘Ik ben blij dat je komt.’
Bij een andere mevrouw wordt het kaartspel stilgelegd als ik binnenkom. ‘Ik speel patience omdat de tijd dan passeert’, glimlacht ze. Het doet mij iets. We kijken samen naar foto’s en ze praat honderduit over al haar reizen met haar man die intussen overleden is. Ik reis met haar mee naar Kenya, Gambia, Marrakesh,… hoewel ik zelden vertoef in Brussels Airport. We wandelen in haar tuintje waar ze vroeger groenten kweekte en bloemen had staan. De kalender komt boven om een volgend bezoek te noteren. Ze heeft genoten en vraagt of ze me een zoen mag geven als ik vertrek.
Bij een derde komt de kinesist net langs. Ik vraag of ik de kamer moet verlaten. ‘Neen!’ klinkt het antwoord, ‘en je mag gerust de oefeningen meedoen.’ We lachen. Ja, ook humor hoort erbij. Een andere keer gaat het over de Kerk.
Zo zieken bezoeken is aan presentiepastoraal doen: er gewoon zijn, zonder meer, omdat de andere de moeite waard is. Luisteren, nabij zijn, de andere graag zien… meer hoeft dat niet te zijn.
Voor het ogenblik heb ik vier, straks vijf aanvragen uit het ziekenhuis. Het mag geen eenmansproject blijven. Straks start nog een tweede persoon dit vrijwilligerswerk. Het is de bedoeling dit eenvoudige werk met een aantal mensen samen te doen.
Maken we het verschil? Betekent ons bezoek een kaartspel minder? Ah… mensen gelukkig maken, dat is toch zinvol? Daar word je ook zelf diepgelukkig van, toch ?
Mieke Quaegebeur
Voor meer info: 0485/60 08 30











